Algemene uitkeringen en overige uitkeringen Gemeentefonds

De inkomsten algemene uitkering uit het gemeentefonds zijn voor de primaire begroting 2025 bepaald aan de hand van de informatie uit de meicirculaire 2024 en de samenstelling van de gemeente zoals die verwacht werd per 1 januari 2025. Weergegeven in gemeente specifieke maatstaven bepaalt de samenstelling van de gemeente de hoogte van de inkomsten uit het gemeentefonds. Dit in combinatie met de mutaties in het gemeentefonds zelf; het macrobedrag dat via de algemene uitkering wordt uitgekeerd. Het aantal maatstaven waarmee de uitkering per gemeente bepaald wordt, bedraagt ruim 30 stuks. Vijf van deze maatstaven bepalen gezamenlijk al meer dan de helft van de totale uitkering. Bij het bepalen van de inkomsten algemene uitkering in de primaire begroting 2025 werd bij deze vijf maatstaven uitgegaan van de volgende aantallen:

Maatstaven in aantallen

per 01-01-2025 in primaire begroting

Werkelijk per 01-01-2025

aantal inwoners

58.671

58.126

inwoners < 18 jaar

13.435

12.817

aantal bijstandsontvangers

545

493

aantal woonruimten

22.906

22.895

aantal personen met een migratieachtergrond

8.978

9.247

De inkomsten algemene uitkering van primaire begroting tot realisatie 2025:

Bedragen * € 1.000

primaire begroting

bijstellingen

bijgestelde begroting

realisatie 2025

afwijking

Algemene uitkering gemeentefonds

94.248

1.893

96.141

96.431

291

De bijstellingen zijn gebaseerd op informatie uit de september- en decembercirculaire 2024, de mei- en septembercirculaire 2025 en de actualisaties van de maatstafhoeveelheden.

Op hoofdlijnen kunnen de afwijkingen op de begrote mutaties op de inkomsten als volgt worden gepresenteerd:

Onderwerp

bedragen * € 1.000

Accres

1.337

Van Ark: tekorten Jeugdzorg voor rekening Rijk (structureel mei 25)

681

Compensatie gestegen kosten jeugdzorg 2023/2024 (incidenteel sept.25)

1.190

Mutaties in uitkeringsbasis, hoeveelheidsverschillen, IU's en DU's

-462

Taakmutaties

331

WOZ-waarden mutaties

-894

Totaal van gewijzigde inkomstenraming (bijstelling + afwijking)

2.184

Toelichting op de grootste bijstellingen van de begrote baten

Bij elke circulaire is de gemeenteraad geïnformeerd over de uitkomsten. De grootste mutaties worden nog kort toegelicht.

Het accres 2025 is na het opstellen van de primaire begroting 2025 naar boven bijgesteld bij de septembercirculaire 2024 en de meicirculaire 2025. Dit vormt voornamelijk compensatie voor loon- en prijsstijgingen.

In de meicirculaire 2025 is een structurele compensatie toegekend voor de gestegen kosten van Jeugdzorg als uitkomst van de commissie-Van Ark. Deze middelen zijn ingezet binnen de taakvelden van het sociaal domein.

Naast de structurele middelen uit de commissie-Van Ark is in de septembercirculaire 2025 ook een incidentele vergoeding toegekend als compensatie voor de gestegen kosten voor jeugdzorg in de jaren 2023 en 2024. Deze compensatie is opgenomen in de algemene middelen.

De uitkeringsbasis en de hoeveelheidsverschillen hebben betrekking op de landelijke aantallen en het aandeel daarin van onze gemeente. Aan de ene kant wijken de landelijke volumes van de maatstafeenheden af van waarmee eerder werd gerekend waardoor de maatstafgewichten (euro's) van de eenheden toe- of afnemen. Tegelijkertijd muteren de inkomsten voor onze gemeente doordat de verwachte aantallen waarmee wij bij het opstellen van de primaire begroting hebben gerekend in werkelijkheid ook afwijken. Ook zijn er mutaties uit integratieuitkeringen (IU) en decentralisatieuitkeringen (DU). In de meeste gevallen betrof het bijstellingen van bestaande IU's en DU's. De voornaamste mutaties betroffen extra middelen voor de invoering- en uitvoeringskosten van de Omgevingswet en voor openbare bibliotheken. Deze mutaties zijn verwerkt op de bijbehorende taakvelden in de begroting.

Onder taakmutaties worden toevoegingen aan de algemene uitkering verstaan die zijn bestemd voor door het Rijk aan gemeenten overgedragen (nieuwe) taken. Voorbeelden hiervan zijn middelen voor de vervroegde Tweede Kamer verkiezingen en de Wet versterking regie volkshuisvesting. Ook deze mutaties zijn verwerkt op de bijbehorende taakvelden in de begroting.

In de meicirculaire worden geactualiseerde rekentarieven toegepast voor de verdeelmaatstaf onroerendezaakbelasting. De uitkomst van deze maatstaf resulteert in een inhouding op de algemene uitkering en beweegt jaarlijks mee met de WOZ-waardeverandering die het Rijk hanteert.

Toelichting op de afwijking ten opzichte van de bijgestelde begroting

De afwijking van € 291.000 op de uiteindelijke inkomsten algemene uitkering is veroorzaakt door de uitkomsten van de decembercirculaire 2025. De gevolgen van deze circulaire kunnen begrotingstechnisch niet meer in het lopend jaar worden verwerkt waardoor er een verschil ontstaat tussen begrote en werkelijke inkomsten. De extra middelen uit deze circulaire kunnen ook niet meer in hetzelfde uitkeringsjaar 2025 worden ingezet. Vanuit de inkomsten decembercirculaire 2025 worden daarom ook enkele voorstellen tot bestemming van het rekeningresultaat opgenomen in de besluitvorming van deze jaarrekening.

Afrekeningen oude jaren

Voor de uitkeringsjaren 2022-2024 hebben gedurende het jaar 2025 afrekeningen plaatsgevonden:

Bedragen * € 1.000

primaire begroting

bijstellingen

bijgestelde begroting

realisatie 2025

afwijking

Algemene uitkering gemeentefonds afrekening oude jaren

150

-320

-170

-108

62

Definitieve aantallen van landelijke en gemeentelijke maatstafgegevens hebben tot deze verrekeningen geleid. Hiervoor wordt een jaarlijks vast bedrag aan baten opgenomen in de begroting. Maar juist omdat het gaat om informatie waarover afstemming met instanties als het CBS een grote doorlooptijd vraagt, is het vooraf niet in te schatten wat de hoogte van de uiteindelijke afrekeningen wordt. Voor 2025 is het saldo van de afrekening over oude jaren negatief.